Revalideren is topsport

Ontspanning bekomen

Ben je er klaar voor Dré? Nog enkele dagen en je mag van de dokter terug met mij beginnen trainen.

Frits/Geeroms-Schurkens Jacqueline/ Revalideren is topsport
André Geeroms/ Home trainer

De operatie is perfect uitgevoerd en het genezingsproces is optimaal verlopen. Terloops heeft de dokter ook mijn rechter been 5mm langer gemaakt. Zodoende is het vroegere verschil tussen mijn  beide benen weggewerkt. Van al mijn schoenen mag de supplementair geplaatste 5mm hiel nu worden verwijderd.

Denk maar niet Frits dat ik de voorbije 5 weken, na het plaatsen van mijn nieuwe heup, niets heb uitgevreten.

Routine ingreep

Ja, een heuptransplantatie is schijnbaar dan toch een routine ingreep geworden. Je moet het maar  in je vingers hebben en door heel veel operaties te doen, zal ook een chirurg heel wat automatismen creëren. Door deze ingewortelde automatismen voeren sommige dokters nog steeds deze operatie uit op een niet spier sparende manier.

Maar de kinesiterapeutische begeleiding vanuit het hospitaal is echt een flauw beestje geweest, vind ik dan toch.

‘Best dat je een hometrainer aanschaft’, was de enige theoretische begeleiding die ik tijdens de informatie sessie, voor de operatie, mocht ontvangen. Alvorens het hospitaal te verlaten legde men mij, juist geteld twee maal uit, hoe ik met mijn bij de mutualiteit gehuurde krukken, een trap diende op en af te sukkelen. Ook heb ik twee maal op twee verschillende machientjes mijn been dienen te bewegen. Meer ben ik niet te weten gekomen over het vervolg verhaal.

Training methode

Kortelings mag ik mijn taak als hippisch trainer terug op nemen. Ik zal tegen mijn leerlingen zeggen dat ze met hun paard en zadel in de piste mogen beginnen oefenen, en verder geen woord uitleg. Terecht zouden mijn leerlingen de arena misnoegd verlaten. Een revalidatie bevat ook alle componenten van een training, maar ik moest het met ‘zero’ uitleg doen.

Natuurlijk weet ik ook dat een lichaam zich spontaan herstelt. Maar een beetje deskundige uitleg, van een daarvoor opgeleide kinesitherapeut, is toch steeds meegenomen.

Zoals ik dagelijks bij jou de leiding neem tijdens het trainen, Frits, heb ik dat nu ook maar eens voor mijn mijzelf gedaan. Mijn jaren lange verzamelde  theoretische en praktische kennis als paarden dressuur trainer zullen nu eens voor mijzelf van pas komen. De juiste ingrediënten liggen allemaal klaar, eens zien wat ik er nu zal van bakken.

Vroeger moest je na een operatie stilletjes in je bed blijven liggen. In de moderne tijd dien je reeds de dag na je operatie met je luie en stugge lijf uit je bed, om te bewegen. Neen, men laat je echt geen tijd om eens lekker uit te rusten, na het vele thuis werk dat je als voorbereiding voor de operatie, reeds preventief gedaan had. Dit vroegtijdig bewegen schijnt noodzakelijk te zijn om het vormen van bloedklonters in je lichaam tegen te gaan. Maar voor alle zekerheid zal ik gedurende een paar weken, en dit iedere morgen, nog een spuitje in mijn buik dienen te krijgen. Neen, in Corona tijden wens ik het prik plezier niet aan een onbekende thuis verpleegster te gunnen. De dagelijkse prik is ondertussen een sociaal spel geworden tussen mijzelf en mijn echtgenote.

Juist op tijd

Enkele dagen voor de grote lock-down van de Corona crisis is mijn  versleten rechter heup er uit gehaald en vervangen door een onverslijtbaar keramisch exemplaar. Economisch toch, om te kunnen revalideren tijdens een periode gedurende dewelke je toch maar weinig kan uitrichten. Hoe een verlaten stad er na meerdere weken lock-down uitziet? Sorry, maar daar heb ik geen enkele persoonlijke indruk van binnen gekregen. Gelukkig word ik op de televisie overspoeld, door angst aanjagende Covic-19 beelden, van over de ganse wereld, en alles vertellende grafieken.

Ik kan mij heel goed voorstellen hoe je paardenfarm er uit zal zien, als er gedurende zes weken geen vinger naar uitgestoken wordt. Gelukkig kan je op zo’n momenten je geliefde partner nog wat meer belasten, om deze periode zonder kleerscheuren door te komen. Was ‘meer belasten’ ook niet één van de belangrijkste punten om een trainingsresultaat te bekomen?

Oei, even een paar pasjes terug zetten, want het was toch over ‘Revalidatie’ dat ik het hier ging hebben.

Home trainer

Ik had steeds de gedachte dat een home trainer er was om je conditie te verbeteren, om je cardiovasculair systeem te optimaliseren. Om dus meer inspanning te kunnen leveren met een lagere hartslag, daar komt het in mensentaal op neer.

Maar de eerste weken van de revalidatie heb je aan die conditie training geen boodschap. Laat eerst je mooi dicht genaaide wonde maar goed aan elkaar groeien. Stel je voor dat deze openbarst ten gevolge van je overmatige buigingen? Of kan dat niet? Het zal de lenigheidstraining zijn die ons eerst vooruit helpt. Dus eerst het fiets zadel heel hoog instellen zodat het mogelijk wordt om een ronddraaiende beweging te kunnen maken. Gedurende de volgende weken wordt het zadel steeds wat lager gezet om de bewegingshoek van het bekken te vergroten. Pas als je bewegingspatroon optimaal is geworden, en dit zonder te veel pijn, treedt de conditie training naar voor. Ik denk dat mijn conditie een maand na mijn operatie sterk is achteruitgegaan. Om op 15 minuten, 80 calorieën te verbranden moet mijn hart toch nog 110 maal per minuut samen trekken, en loopt het zweet reeds van mijn voorhoofd.

Gelukkig heeft mijn home trainer een breed dames zadel, zodat ik met mijn zitbeenknobbels contact kan nemen met het vlakke zadel oppervlak, juist zoals wij dat ook doen met ons dressuur zadel. Ik bemerk dat de druk op mijn beide zitbeenknobbels niet hetzelfde is, maar dat wist ik al. Een oefening op de ondertussen bekende Flexchair had mij daar vroeger ook reeds attent op gemaakt.

Daarnaast heeft mijn kinesitherapeute vroeger reeds opgemerkt, dat mijn linker bilspier meer ontwikkeld is dan mijn rechter. Logische toch, als je bij het voorover buigen de meeste belasting op je linker heup neemt teneinde de rechter te sparen. Ik vond het knap lastig om op mijn beide zitbeenknobbels eenzelfde belasting te zetten.

Intensiteit opvoeren

De intensiteit van mijn dagelijkse wandelingen heb ik langzaam opgevoerd. De paar meters met krukken in de living zijn ondertussen een paar kilometers wandelen geworden. Door deze wandelingen leer ik ook mijn buurt en buren wat beter kennen, ook al moeten wij voor de Corona virus reglementering minimaal 1.5m van elkaar blijven. Mentale gezondheid is ook van cruciaal belang bij ieder trainingsprogramma, maar dat weten wij toch al heel lang hé Frits. Deze wandelingen zijn de ideale gelegenheid om paardenbloemen mee te brengen voor ons leuk sier konijntje. Zo maak ik toch nog iemand gelukkig en door die ‘paarden’ bloemen begin ik toch meer aan onze paarden te denken.

Terug opstijgen

Binnen enkele dagen mag ik terug op je rug gaan zitten Frits, maar ook het vrouwke zal verwachten dat ik terug wat onderhoudswerkzaamheden overneem. Vanaf dan zal ik op ons eigen terrein rond wandelen, met paarden naast mij, achter kruiwagens met mest lopend, Frits aan de hand werken, de jonge paarden gaan eten geven, ons nieuw aangelegde bos gaan inspecteren, en nog tientallen andere noodzakelijke werkjes. Het doelloos rond wandelen in de buurt zal dus uit het programma geschrapt kunnen worden en vervangen worden door het doen van nuttige dingen.

Mijn rechter kous kan in nog maar met moeite zelfstandig aan trekken. Maar welke oefening op welke machine, zou je daar nu moeten voor doen? Daarvoor heb ik toch geen toestel nodig. Mijn rechtervoet op het bad zetten en mijn romp als belasting naar mijn voet toe brengen.  Waw, Om dit goed te krijgen zal ik nog wat meer inspanning moeten leveren.

Het aantrekken van die rechter kous is niet mijn enige punt waar verbetering kan aangebracht worden.

Geatrofieerde spieren

Om zonder uitgelachen te worden op je verende rug te geraken, Frits, dat is nog een ander paar mouwen. Het zijdelings openen van mijn benen, dat heb ik natuurlijk ook al geoefend door mijn been over het zadel van mijn home trainer te gooien. Door mijn fietszadel hoger te plaatsen kan ik de slagwijdte van mijn heupgewricht verhogen, maar voorlopig blijft het zadel nog op de laagste stand staan. De stekende pijn vertelt mij waarom ik nog niet aan het bijregelen ben.

Mijn spieren rondom de slechte heup hebben zich de laatste jaren zeker wat verstijfd. Ja, het is bekend dat spieren zich rondom een pijnlijk gewricht vast zetten. Onze hersenen regelen dat, om deze moeilijke beweging wat te beperken en zo je pijn te minimaliseren. De spieren kunnen hierdoor zelfs zo hard worden overbelast, zodat ze pijnlijk aanvoelen of ontsteken, en dat er zich zelfs uiterst pijnlijke spier knopen vormen. Mijn ontstoken rechter Achilles pees en meerdere spier knobbeltjes in mijn rechter kuit vonden vermoedelijk hun oorsprong in mijn pijnlijke heup. Maar deze secundaire problemen heeft mijn persoonlijke kinesitherapeut reeds grotendeels kunnen oplossen, nog voor mijn heup operatie.

Recht richten

 Om een pijnlijke rechter heup te sparen, ga je dan ook scheef naar links op je paard te zitten. Hierdoor kom je meer op je linker zitbeenknobbel te zitten, waardoor je de linker rugspieren van je paard meer belast.  En zeker weten Frits, jij reageert daarop door je rugspieren aan de linker zijde meer aan te spannen, je gaat graag scheef lopen met je hoofd meer naar rechts en je neemt een zwaarder aanleuning op de linker teugel. Recht richten van een paard, was dat niet één van de eerste stappen in het deskundig africhten van een paard?

Automatismen

Door de jarenlange dagelijkse training, is deze manier van samen voortbewegen voor ons beiden een automatisme geworden. Zoals bekend zijn automatismen aangeleerde gedragingen en zijn ze niet eenvoudig te veranderen. Deze hoge moeilijkheidsgraad om te veranderen, is geldig voor zowel bewust als onbewust aangeleerde automatismen. Ja Frits, wij hebben beiden ongewenste onbewuste automatische gedraging aangeleerd door mijn heup beperkingen.

Automatismen kunnen enkel veranderd worden door het patroon volledig te doorbreken, door iets op een totaal andere manier te gaan benaderen. Dat vrouwlief je gedurende mijn revalidatie periode verder traint Frits, is zeker een goede start voor het doorbreken van die ongewenste mechanismen. Zij zit zeker symmetrisch op je prachtige lichaam, en spits haar aandacht toe op een gelijkmatige aanleuning. Aangezien automatismen een oorsprong hebben, is het logisch om deze bij de wortel aan te pakken. Veel rond en diep werk is, volgens ons, de basis voor een goede ontwikkeling van het paard, en daar zal in deze veranderingsperiode van het automatisme veel naar terug gekeerd worden. Op de bijgaande foto is deze manier van werken duidelijk zichtbaar, maar natuurlijk mag mijn echtgenote ook eens van je heerlijk piaffe proeven, hé Frits. Dat kan zeker Dré, want in de piaffe ben ik heel licht op de teugel en geef geen aanleiding tot scheef plaatsen.

Het is dus duidelijk Frits, jij bent een betrokken partij in mijn revalidatie. Niet verbaasd zijn dat wij voor jou een kinesiterapeut hebben gezocht, om eens langs te komen. Deze humaan opgeleide en in paarden gespecialiseerde kinesitherapeute zal je mooie ontwikkelde lichaam te onderzoeken. En ja, de akkefietjes die ze bij jou vaststelt komen volledige overeen met mijn ongewenste geautomatiseerde patroon.

Revalideren is topsport

Zo zie je maar dat revalideren veel meer is dan zweten op je home trainer.

Het ‘Sluiten’ van het paard

Analyse form for collection

Voor dressuur en springpaarden

Regelmatig hoor Ik zeggen dat het zowel voor spring- als dressuurpaarden heel belangrijk is, dat ze zich goed kunnen sluiten. Weet jij Frits wat ze bedoelen met ‘sluiten’?

Jazeker Dré, ik weet daar bijna alles van. Niet van het sluiten in het springen natuurlijk, maar wel van de verzameling in de dressuur, en dat is toch het sluiten dat jij bedoelt, Dré. Ik heb de indruk dat alle oefeningen die je mij de laatste jaren hebt aangeleerd, de verzameling tot doel hebben.

Juist Frits, alle bekende gymnastische oefeningen hebben in de achtergrond steeds de verzameling tot doel. Sluiten, verzamelen, dragen, onderbrengen, etc. het zijn allemaal synoniemen voor het onderbrengen van de achterbenen.

Achterbeen doen opwaarts stuwen

Tijdens het springen van een verticale hindernis is het paard verplicht om tijdens het afzetten de achterbenen ver onder het paardenlichaam (massa) te brengen. Dit gebeurt juist voor de sprong zelf. Met achteruitstekende achterbenen is het wel mogelijk om de 600kg wegende massa voorwaarts te duwen en heel ver te springen. Maar om de massa naar boven te sturen is het dicht onder het zwaartepunt brengen van de achterbenen een noodzakelijkheid.

 Ook in de dressuur wensen wij dat het paard zijn achterbenen dicht bij zijn zwaartepunt brengt, dit met de bedoeling het paard voortdurend snel en wendbaar te maken. Hogere wendbaarheid wordt verkregen door de ondersteuningsbasis( Afstand tussen de voor en achterbenen) te verkleinen, waardoor de krachtige achterbenen dichter onder het zwaartepunt kunnen ingrijpen. Een belangrijk rijmeester (Ben zijn naam natuurlijk vergeten) vertelde reeds heel lang geleden, dat verzameling wordt gekenmerkt door de tijd dat het paard in de lucht blijft zonder afsteuning op de grond. Om dat te bekomen zal het wel voor iedereen duidelijk zijn dat het paard zijn lichaam hoog in de lucht dient te projecteren.

Groene energie

De kinetische energie (Lichaam in beweging) van het naar beneden vallend gewicht van het paard, wordt tijdens het doorbuigen van alle achterhand gewrichten opgeslagen in deze sterke spieren. Deze energie overdracht gebeurt tijdens de ondersteuningsfase. Deze gratis energie zal terug gebruikt worden tijdens het opveren van het paard. Het woord opveren is hier goed gekozen want het achterbeen van het paard gedraagt zich volledig zoals een stalen veer zich gedraagt wanneer deze wordt ingedrukt en losgelaten. Wij noemen dit de potentiële energie. De veerkracht van de voorhand is veel lager aangezien deze is gemaakt om het gewicht te ondersteunen en niet om het paard voort te stuwen.

Stijf slepend achterbeen

Paarden met van nature stijve, slepende achterbenen, zullen om voormelde reden dan ook zelden talentvolle spring- of dressuurpaarden kunnen worden. Bij voorkeur zullen wij ons dus een paard aankopen dat de achterbenen hoog van de grond heft en dat reeds licht onderstandig is met de achterbenen. Tijdens het vrij bewegen van het paard is deze soepelheid reeds duidelijk te bemerken. Een beetje bergop gebouwd zijn van het paard zal het zware en langdurige trainingswerk zeker reduceren.

Niet iedereen heeft de mogelijkheid zich het ideale paard aanschaffen, als zo een perfect exemplaar reeds zou bestaan.

Het grote genot van het dressuur rijden zit volgens mij in het verbeteren van het paard en zijn kleine kantjes door veel training weg te werken.

In vroegere posts heb ik mijn bevindingen betreffende het verzamelen van het paard reeds uiteen gezet.

Foto analyse

Door de lockdown rond het Corona virus en het plaatsen van een splinternieuwe heup heb ik voldoende tijd gevonden om met mijn visueel-digitale ingesteldheid, een grafische bepaling uit te dokteren van verzameling. Voor zover ik weet is het kwantificeren van verzameling een nieuwigheid.

Gedaan dus met oppervlakkig te vertellen dat je paard te veel of te weinig verzameld is. Vanaf nu kan je de graad van verzameling éénduidig bepalen en dit met slechts één getal. Met het meten van de hoek ‘α’ tussen de groene voorhand lijn en de rode achterhand lijn (Zie foto’s in bijlage) is dat zo gebeurd.

Neen beste lezer, deze graden hebben niets te maken met je lichaamstemperatuur en ook niet met de temperatuur in je badkamer. In de driehoeksmeting is één graad nog altijd 1/90e deel van een rechte hoek. Maak je maar niet ongerust hoor, maar kennis van trigonometrie heb je niet nodig voor het volgen van de hierna gevoerde redenering.

In vrijheid bekijken

Uit de eerste foto Frits, waar je in volle vrijheid mag rond paraderen, blijkt dat je van nature een echte pusher bent met een hoek α =-21° (Minus 21 graden). Met deze achterstandigheid wordt het mij duidelijk, waarom ik een paar jaar nodig heb gehad om je gewoon gesloten te kunnen laten halthouden.

Op de tweede foto ben je te zien Frits, in een mooie diep ondergebrachte piaffe, met een positieve sluitingshoek van plus 11 graden.

Conclusies trekken

Door de hoeken α van beide foto’s op te tellen merken wij op dat je een sluiting van 32°  (21°+11°) kan verwezenlijken. Dit sluitingsvermogen maakt het toch mogelijk dat ook jij het zware werk zoals piaffe en passage aan kan. Jaja, Frits, ik zal erbij vermelden dat dit niet vanzelf is gekomen en dat wij  hieraan gedurende een periode van 6 jaar en dit bijna dagelijks hebben gewerkt. Naast de klassieke verzamelende oefeningen hebben het vele werk aan de hand en ook statische training, je vermogen om te sluiten sterk verbeterd.

Begin er zelf aan

Zo, beste lezer, met het trekken van een paar lijnen en een gradenboog bij de hand, is de ontwikkeling van de verzameling van je paard ondubbelzinnig te volgen.

 Neem snel twee van je beste draf foto’s, die met een tussentijd van een jaar of meer zijn genomen. Trek er een paar lijnen op en meet de hoek α. Door het vergelijken van de beide hoeken bemerk je dadelijk of je goed aan het trainen bent.  Of misschien is het beter om naar een onderlegd dressuur instructeur over te schakelen, om je te begeleiden in je zoektocht naar meer verzameling.

Nieuwe ervaring wordt na 7 dagen een andere herinnering

Wetenschappelijk

Recent nam ik een wetenschappelijke studie door betreffende ‘Psyche en brein’. Deze onderzoeken werden niet uitgevoerd in het kader van paardrijden, maar de brug maken van ratten en mensen naar paarden toe schijnt mij hier geen onoverkomelijke zaak. Ook Pavlov was onderzoek aan het doen naar de productie van maagsappen bij honden, toen hij plotseling de regels voor conditionering opmerkte, dus..

Herinnering vastleggen

Een ervaring beïnvloed levenslang de herinnering.

Wanneer een levend wezen zijn gedrag verandert, dan is dit gebaseerd op prikkels die het dier op het ogenblik zelf ontvangt, gecombineerd met de herinneringen (Ervaring – verleden tijd) die het vroeger heeft opgeslagen. Wat een paard en een mens vandaag doen, heeft dus steeds te maken met wat er eerder is gebeurd. Hoe meer herinneringen wij hebben, hoe beter wij gewapend zijn naar de toekomst toe. Alles wat te maken heeft met goede herinneringen zullen wij spontaan opzoeken en dat wat gekoppeld is aan slechte herinneringen zullen wij zoveel mogelijk vermijden. Het is dus de kunst om goede herinneringen, in ons brein en dat van ons minder intelligente paard, te installeren. Maar wat zijn herinneringen en hoe komen die tot stand?

Herinnering opslaan

Langs onze zintuigen ontvangen wij prikkels uit onze omgeving en deze ondergaan in de hersenen een reeks van verwerkingsprocessen, van de eerste waarneming tot de finale rationele analyse. Elk stadium in dit verwerkingsproces heeft zijn eigen, relatief autonoom verwerkingsproces. Een gebeurtenis zal maar een herinnering worden als deze een minimale nieuwswaarde heeft. Een paard dat op één voorbeen kan dansen, zou veel meer aandacht trekken dan ééntje dat op zijn vier benen staat te lummelen.

Een ervaring wordt in de hersenen vastgelegd door het activeren van duizenden neuronen. Je kan je zo’n opgeslagen ervaring het best voorstellen als een foto met een fijn raster erover, waarbij iedere kruising van de rasterlijnen zijn typische kenmerken heeft. Momenteel zijn er uiterste gevoelig microscopen die de activiteit van deze neuronen duidelijk visueel aantoonbaar maken.

Nieuwe herinnering

Schijnbaar wordt een nieuwe herinneringen, althans in de eerste uren na de opgedane ervaring, als een aaneenschakeling met de voorgaande ervaring in de hersenen opgeslagen.  Vele neuronen van de beide ervaringen worden met elkaar gedeeld, zodat er een ervaring ontstaat die zich baseert op gemeenschappelijke gebeurtenissen van beide ervaringen en dus op juistere gegevens.

Wanneer er echter meer dan 7 dagen tussen de twee ervaringen is, dan zal het paard en ook de mens, deze beide ervaringen als onafhankelijke ervaringen opslaan en zal er maar heel weinig interactie zijn tussen beide ervaringen.

Voorbeeld

Maar misschien is het best om dit even met een frappant voorbeeld te illustreren.

Als ik de sociale media wat volg, dan begrijp ik dat het zadelmak maken van jonge paarden altijd rozengeur en maneschijn is. Of is FB toch enkel maar een goed nieuws show? Uit mijn eigen ervaring en de directe contacten met mijn hippische relaties hoor ik toch, dat het niet allemaal zo eenvoudig verloopt.

Bekijken wij de ervaring van een jong paard, dat zijn ruiter succesvol in het zand deed bijten en daarbij zijn berijder met een gebroken pols naar het ziekenhuis heeft verwezen.  Dan heb je natuurlijk niet de mogelijkheid om dadelijk (binnen 3-4 seconden) terug op te stijgen en je uitdaging succesvol verder te zetten. Indien het paard gedurende een periode langer dan 7 dagen niet bereden werd na deze voor het paard succesvolle ervaring, wordt deze gebeurtenis door het paard dus als een onafhankelijke ervaring opgeslagen en betekent dus een 100% geslaagde afwerp herinnering. Deze succesvolle ervaring zal dus waarschijnlijk in de nabij toekomst met groot genoegen door het paard herhaald worden.

Wanneer de ruiter echter direct na de val terug kan opstijgen en het paard verder aan het werk kan zetten, dan zal de nieuwe ervaring, opgeslagen worden in verbinding met de eerste herinnering. De herinnering van het paard zal dus zeker niet als een onverdeeld succes opgeslagen worden. Een moedige ruiter kan na het voorval ook nog één of meerdere directe vervelende versterkingen (Je mag hier gerust van bestraffing spreken) toedienen, zodat er nog meerdere bijkomende gelinkte herinneringen (en niet voor het paard succesrijke) opgeslagen worden. Deze voor het paard minder succesvolle gekoppelde ervaringen zullen een herhaling van het voorval dus minder aantrekkelijk maken.

Dat men na een val dadelijk terug op zijn viervoeter diende te kruipen heeft men er bij mij van jongs af aan reeds ingeprent. Natuurlijk kijkt men eerst of er zich geen zware letsels hebben voor gedaan, maar wat blauwe plekken, spierpijn, enkele schrammen en veel schrik, mogen ons niet weerhouden om zo snel mogelijk terug op te stijgen. Het is nu wetenschappelijk bewezen dat we door deze gekoppelde ervaringen het paard niet het gevoel van een onverdeeld succes geven en voorkomen dat de ruiter er een angstig lozer gevoel zou over houden.

Je krijgt slecht 1/10 seconde

Na het vaststellen van een al of niet vermeend gevaar heeft een paard maar 1/10 van een second nodig om de opgevangen signalen om te zetten naar de juiste emotie en te besluiten tot een helse vlucht. Allerhande chemische stoffen, waaronder adrenaline, worden bijna ogenblikkelijk aangemaakt waardoor het gehele lichaam in een fractie van een seconde klaar is voor de explosieve sprint van het leven.

Frits tijdens de unipedale ondersteuning

Elektrificeren van je paard

Sommige paarden zie je op een flegmatieke manier reageren op de vraag van de ruiter, terwijl anderen als geëlektrificeerd de vraag beantwoorden. We weten dat paarden met een hoog temperament veel gevoeliger zijn dan koudbloedige. Door het shapen van de intensiteit van de reactie, kan de reactietijd van een paard veel worden verbeterd, en om sommige oefeningen te kunnen uitvoeren is dat die snelle reactietij ook een noodzakelijkheid.

Galopwissels voor snelle jongens (ook meisjes)

 Als we bijvoorbeeld een vliegende galopwissel willen uitvoeren, dienen wij ervan bewust te zijn dat een normale galopsprong slechts 0,35 seconden duurt. Bij een serie wissels om de pas zal ons paard dus ongeveer tweemaal per seconde zijn gedrag dienen te veranderen (Linker naar rechter galop wisselen). Niet vergeten dat ook de ruiter met dezelfde snelheid en op het juiste moment, zijn signalen preventief aan het paard dient door te geven. Als we eerst nog moeten denken of kijken hoe het bewegingsverloop van het paard is, alvorens wij onze wissel hulpen geven, dan zijn we natuurlijk heel veel te laat met het signaal en zal het paard slechts één of meerdere sprongen te laat wisselen. Alles zal dus nagenoeg automatisch en op het gevoel dienen te gebeuren. Niet slecht om tijdens het aanleren van wissels om de pas de ogen te sluiten en enkel nog te ‘voelen’ in welke ondersteuningsfase het paard zich bevindt. Niet vergeten dat een galopwissel uit 4 fases bestaat, drie ondersteuningsfases en een zweefmoment, en dat elke fase dus maar 1/10 van een seconde duurt.  

Na het geven van de hulpen voor de galopwissel heeft het paard ook nog zijn eigen tijd nodig om hierop te reageren. Om deze vertraging te neutraliseren zullen wij onze galopwissel hulpen altijd een ietsepitje voor het juiste wissel moment geven.

Voorbereiding laat tijd winnen

Om later tot goede galopwissels te kunnen komen zal men het paard voor het aanleren van de wissels reeds leren om bliksemsnel (Beeldspraak hoor), en vanuit een heel actieve achterhand, in de gewenste galop aan te springen.

Zo zie je maar dat er in paardrijden met tienden van een seconde dient gespeeld te worden. Dat is nogal wat sneller dan bijvoorbeeld in tennis (Niets mis met tennis hoor, Kim Clijsters), waar men een zee van tijd heeft om het balletje zelfs te ‘zien’ aankomen.

3 seconden reactie tijd

Het aanleren van door ons gewenste gedragingen bij een paard, gebeurt hoofdzakelijk door conditionering. Door het geven van aangename- of vervelende versterkingen na het laatst getoonde gedrag, verandert ieder levend wezen zijn gedrag, dit enkel en alleen, om er beter van te worden.

Kort uitleggen

Korter dan met deze laatste zin, kan ik het africhten van paarden niet samenvatten. Ik voel mij natuurlijk geen Einstein, maar ik weet wel dat hij het was die vermeldde, dat je het slechts goed begrepen hebt als je het eenvoudig kan uitleggen.

Het paard legt een verband tussen zijn gedrag en de daarna ontvangen versterking, voor zover deze versterking gegeven worden, binnen een tijdsbestek van amper 3 à 4 seconden na het vertoonde gedrag.  Juist, hier hebben wij het terug over tijd, dat was toch het onderwerp dat wij zouden behandelen.

Frits bij het bereden aanleren van de Spaanse stap.

21-22-23 test

Toen ik nog veel jonger was dan ik nu reeds ben geworden, had iedereen nog geen seconden teller op zijn iPhone staan en leerden wij dat: “Eenentwintig, tweeëntwintig, drieëntwintig” tellen, gelijk stond aan het verloop van drie seconden spannende tijd tijdens het halthouden in mijn dressuurproef. In deze context duurden die drie seconden een eeuwigheid, maar als wij maar drie seconden reactietijd op een vertoond gedrag krijgen, dan weten wij dat deze in een oogwenk verzwolgen zijn.

Tijdens het omgaan en africhten met mijn paarden gebruik ik nog heel veel deze 21-22-23 regel. Niet zozeer omdat ik een verouderd mens geworden ben, maar omdat ik deze telling direct kan toepassen. Als ik eerst mijn gsm uit mijn broekzak dien te toveren, het klepje nog moet open maken en naar mijn chronometer wens te gaan kijken, (Oei, ook mijn leesbrilletje nog even op mijn neus zetten), ja, dan zijn mijn drie seconden tijd die ik ter beschikking heb gekregen, om het gedrag van mijn paard te veranderen, reeds enkele malen voorbij. Als ik een suikertje wens te geven (aangename versterking) en ik moet eerst mijn handschoenen uit doen om deze lekkernij tussen mijn neusdoek, gsm en autosleutels in mijn broekzak te gaan zoeken, wel dan ben ik ver buiten de drie seconden reactie tijd. Je paard zal zeker deze lekkernij niet afslaan omdat je te laat bent met je versterking, maar een link met het vertoonde gedrag zal niet meer gelegd worden.

Eerst even nadenken?

Als je eerst nog van je schrik dient te bekomen of nog moet nadenken welk recept je instructeur je voor dit paarden gedrag vroeger eens heeft voorgeschreven, dan heb je die drie seconden limiet reeds ver overschreden en haalt je aangename of vervelende versterking niets meer uit. Je paard zal dus gewoon zijn eigen gedacht blijven doen, van een gedragsverandering zal geen sprake meer zijn.

Directe respons

Voor het geven van prikkels naar je paard toe, heb je dus maar heel weinig tijd ter beschikking. Deze prikkels dienen dus direct na het vertoonde gedrag, op een bijna automatische manier gegeven te worden. Gelukkig voor veel ruiters worden automatismen niet ontwikkeld door boeken te lezen, maar door duizenden keren de gewenste gedragingen te herhalen.

Tijd beheersing

Eén van de grote psychische verschillen tussen de diersoorten mens en paard is het besef van tijd.

Dag indeling

Een knappe geest heeft duizenden jaren geleden bepaald dat we één dag hebben, wanneer de aarde eenmaal rond haar as heeft gedraaid. Logisch toch want na een klare dag en een donkere nacht begint alle ellende of het grote genot terug opnieuw. Om alles nog wat beter te kunnen beheersen heeft men deze ‘dag’ nog eens in 24 gelijke delen verdeeld en dit stukje tijd noemen wij dan een ‘Uur’ en dan wordt er verder door 60 gedeeld om met minuten en seconden te kunnen spelen.  Over de recentste beschouwingen van Einstein betreffende tijd en ruimte gaan we het hier bij het paardrijden niet hebben, deze micro verschillen in tijd en ruimte zullen voor ons paard en ook voor onszelf maar weinig toegevoegde waarde betekenen.

Zelfbeheersing

Zoals het klokje thuis tik, tikt het nergens.

Om de tijd te kunnen beheersen dient men naast ‘Tijdsbesef’ ook nog een dosis ‘Zelfbeheersing’ te hebben. Ook op het punt ‘Zelfbeheersing’ schoort de gemiddelde mens veel hoger dan het modale paard, alhoewel er voor sommige paardenliefhebbers nog veel mogelijkheid tot verbeteren bestaat.

Beweren dat paarden geen enkel tijdsbewustzijn hebben, dat vind ik nu ook wat te ver gaand. Paarden weten wel dat het morgen, middag, avond of nacht is, maar veel verder gaat de opgedane kennis niet. Alles schijnt mij hier nogal zonlicht gedreven te zijn.

Paarden hebben een groot herinneringsvermogen voor in het verleden opgedane ervaringen, dit voor zowel aangename- als vervelende ervaringen. Herinneringen zijn wel op een bepaald tijdstip tot stand gekomen, maar paarden hebben geen benul van het ‘Wanneer’ dit is gebeurd en ook niet het ‘Waarom’. Dit in tegenstelling met de mens, die exact kan vertellen wanneer en hoe er zich bepaalde gebeurtenissen hebben voorgedaan.

Een herinnering is een ervaring uit het verleden die wij ons terug voor de geest kunnen halen en waarbij we de oorspronkelijke emoties terug kunnen ervaren.

Reeds 6 jaar vertelt mijn Frits mij op regelmatige basis en doodsbang, dat hij vroeger een heel negatieve ervaring heeft opgedaan met een tegenligger op de hoefslag van een dressuurpiste. Maar wanneer en wat er juist gebeurd is, dat gaat hij mij natuurlijk nooit weten te vertellen.

Conditionering – Didactisch

De opgeslagen ervaringen van een paard zijn hoofdzakelijk het gevolg van conditionering, terwijl er voor de mens naast conditionering ook nog didactisch leren dient aan toegevoegd te worden.  Het Pavlov principe van ‘Prikkel’ en ‘Respons’ is hier dus voor beiden van toepassing. Gezien de grotere zelfbeheersing en ruimere intelligentie kan de mens deze gebeurtenissen in een bredere context plaatsen.

Een paard kan maar weinig in de toekomst denken, maar natuurlijk dat een paard ook wat kan anticiperen. Het kan zijn gedragingen aanpassen op de verwachting dat er in de heel nabije toekomst waarschijnlijk iets zal gebeuren.

Tijd besef is één van de grote psychische verschillen tussen paard en mens.
Frits is aan het voordenken.

Op dit moment ben ik mijn Frits aan het leren, om te blijven staan in de gang, met een open staldeur en een voederbak vol met lekkere muesli en rode, gewassen worteltjes. Ik probeer het woordje ‘Staan’ zodanig te conditioneren dat Frits hierbij blijft staan, terwijl het woordje ‘Vrij’ zal betekenen dat hij zich naar de stal mag verplaatsen. Wanneer ik het halster van zijn hoofd verwijder, bemerk ik dat Frits naar achterom kijkt, om te zien of de buitendeur open staat? Dit is met voorbedachtheid om een eventuele ontsnapping naar buiten toe te kunnen voorbereiden. Een ontsnapping waarmee hij in een vorige sessie duidelijk succes heeft behaald.  Dat maakt mij duidelijk dat een paard ook een klein stukje in de toekomst kan denken, een paard kan dus ook wat voordenken, maar zeker niet in die mate dat de homo sapiens dat kan.

Een paard kan dus niet echt terugdenken en ook niet veel in de toekomst denken. Het denkt vooral in de onmiddellijke omgeving van het ‘nu’, van het moment zelf.

Stress beheersen

Toen ik als beginnend manager in een metaalconstructie bedrijf centjes voor mijn dure paardensport ging verdienen, zaten er in ons eindproduct 70% grondstoffen en was de overige 30 procent afkomstig van menselijke prestaties, dus werkuren, dus tijd. Enkele decennia later was de voormelde verhouding volledig omgekeerd en vertegenwoordigden de uren maar liefst 70% van de kostprijs. Door deze evolutie ontstaat er natuurlijk heel veel tijdsdruk en wordt het fenomeen ‘stress’ geboren. Stress ontstaat namelijk wanneer er één of meerdere zaken niet kunnen opgelost worden in een vooraf bepaald tijdsinterval. Tijd beheering, ‘Wat’ en ‘Wanneer’ gaat ‘Wie’ doen en ‘Hoeveel tijd’ kost dat, is dus van het allergrootste belang, om gespaard te blijven van ongewenste stress. Dit noemt men planning.

Ook in de paardensport hebben wij heel veel met tijdsbeheersing te maken. Wij bepalen toch het aantal keer per week dat wij met ons paard trainen, dat noemen wij de ‘Frequentie’ van de training. Deze frequentie is van heel veel factoren afhankelijk, zoals: ouderdom van het paard, africhtingsgraad, mentale bewerkbaarheid, maar ook van de motivatie en de middelen van de ruiter en zijn omgeving.

Fysieke training

Voor de fysieke training (cardiovasculaire) volstaat het om een paar maal per week op zoek te gaan naar de grens van je lichamelijke capaciteiten. Hierdoor gaat het lichaam zich aanpassen aan de hogere belasting en krijgen we een supercompensatie, een verhoging van onze fysieke mogelijkheden.

Techniek training

Dressuur rijden bestaat echter hoofdzakelijk uit een techniek training, waarbij er bij het paard bepaalde gemoedstoestanden opgewekt worden, om een door de ruiter gewenst gedrag te vertonen. Hoe meer men deze mentale trainingen uitvoert, hoe sneller de africhting vooruitgaat. Maar ieder ervaren ruiter weet dat hij moet opletten dat zijn paard niet begint te flippen. Ook aan deze mentale training zullen bepaalde beperkingen dienen gesteld te worden, dit om zowel de ruiter als het paard niet mentaal te overbelasten.

Maar er is natuurlijk nog veel meer dat met tijd te maken heeft.

Belang van het ‘Leiden’

En ga je over zo een simpel onderwerp een tekst schrijven, Dré? Heb je niets beter te doen? Ja Frits, daarover ga ik zeker een tekst schrijven, en als paardenliefhebber heb ik natuurlijk heel veel te doen, en de meeste werkjes zijn voor en door jou.

Eerste halster

Het leiden van een paard is volgens mij één van de belangrijkste punten in het omgaan en africhten van een paard. Iedereen vindt het normaal dat je een halster rond het hoofd van een paard kan aanbrengen. Ons zelf gefokte veulentje van dit jaar hebben wij, samen met haar zusje van verleden jaar, recent nog in de opfokstal geloodst. Neen, dank je wel, ik hoef geen halster om, wordt mij door een in de stal rondvliegende Obladi met heel veel lichaamstaal verteld. Maar met wat geduld en vleierij zullen wij wel tot het compromis ‘halster aan’ kunnen komen. Het halster aan betekent natuurlijk een grote vrijheidsbeperking voor het jonge beestje en kunnen vluchten is nu toch een heel normale en levensnoodzakelijke zaak, zeker als er in je genen geprogrammeerd staat dat je een ‘prooidier’ bent.  Blijven staan, niet achteruit trekken, meegaan als er trekkracht op de koord wordt uitgeoefend, voorhand en achterhand zijdelings verplaatsen, … , het zijn de eerste manipulaties die wij aanleren. En dan spreken wij nog niet van het kunnen vastbinden van zo’n jonge telg, maar dat zullen wij in een later lesje wel bijbrengen.

Pet pony obstacle course

Recent nog zag ik op FB een filmpje van een pony die op ‘wandel’ was met een kind van een jaar of twaalf. Vermoedelijk was het de liefhebbende mama, die haar beide schatjes had ingeschreven voor een ‘Pet pony obstacle course’. Schijnbaar is dat een parcours waarbij springbalkjes op de grond liggen en planten aangeven  langs waar ze zich dienen voor te bewegen, beiden te voet natuurlijk. Op zich een mooi inititief om de handelbaarheid van de pony even te testen, maar van voortbewegen was er hier bijna geen sprake. Bij iedere passage langs de decoratieve planten trok, de trouwens mooi opgepimpte pony, steeds de koord uit de handen van de eveneens piekfijn uitgedoste amazone in wording. Tot grote ergernis van het ponymeisje speelde zich bij iedere bloempot hetzelfde tafereel af. Een leuk filmpje natuurlijk, beloond als ‘The cutest pet pony obstacle course ever’. Maar ik heb daar eigenlijk een andere mening over.

Het dominante dier eet eerst

Al of niet toegelaten worden om te eten, is bij de paarden in de kudde een instinctieve gedraging ter bevestiging van de dominantie. Het dominante dier eet eerst en zoveel het maar kan, voor de restjes die mogelijks overblijven, mogen de overblijvenden dan wat ruzie maken. Ook leiderschap van de mens over een paard begint met het bepalen of een paard al of niet mag eten. Door de manier waarop wij aan ons paard eten verstrekken en ontnemen, bepalen wij de rangorde tussen tussen ons beiden. En neen, deze pony toont geen enkel respect voor het kleine meisje.

De hiervoor vermelde pony bepaalt zelf of hij al of niet gaat eten van de grasgroene sierplanten. Duidelijk dus dat hij de leiding over het gebeuren heeft en dus het meest dominantste dier is van hun beiden. Heel normaal ook dat deze pony ‘baasje’ zal spelen in de volgende stap van de africhting, wanneer de amazone plaats zal nemen op zijn rug.

Respect noodzakelijk

Moest jij geen respect voor mij tonen, Frits, dan zou je met je 600kg aan spiermassa een gevaar betekenen voor mijzelf. Wanneer ik naast jou loop of als ruiter op je sterke rug zit, wens ik niet dat je met mij op de loop zou gaan.

Tweemaal per dag pendel ik met jou, tussen de sappige weiden en de met muesli gevulde voerbak in de stal. Tijdens die honderd meter die wij gezamenlijk, maar onder mijn leiding wandelen, vertraag en versnel ik meermaals mijn stap, en soms las ik ook een paar halthoudens in. Dat ik onderweg het vervelende ventje uithang heeft niets te maken met het feit dat ik, met mijn oude benen, moeilijk jouw drie hoeven overstappende beweging niet kan volgen. Dit heeft enkel te maken met respect opbouwen voor mij en dat respect ook steeds te behouden en te herbevestigen.

Positie van het paard

Ik verwacht van jou dat je met je hoofd naast mij loopt en dat je een voortdurend oog contact met mij behoudt. Zo heb ik ook een duidelijk zicht op jouw gelaatsuitdrukkingen en kan ik snel anticiperen op eventuele veranderingen in je gedrag. Bij de minste versnelling of vertraging van mijzelf, verwacht ik dat ‘jij’ je snelheid aanpast aan de mijne en niet aan de koord sleurt. Trek en sleurwerk zie je ook veel gebeuren bij wandelaars, tijdens het uitje met hun geliefde, maar verkeerd opgevoede hond. Deze honden lopen dan ver vooruit en sleuren hun baasje mee, in de richting die hondlief zelf gekozen heeft en op de voor de hond passende snelheid.

Als ik stop Frits, dan stop jij als vanzelf. Het baantje waar ik loop is van mij en jij loopt er naast, neen, en ook met je schouder hoef je mij niet zelfs een heel klein beetje weg te drukken.

Aangename en vervelende versterkingen

Eerst moet ik je dit respect voor mij aanleren, door aangename en vervelende versterkingen te geven, op het door jou vertoonde gedrag. Na een paar maanden wordt dit gedrag een automatisme voor jou en is het vanzelfsprekend dat je gewoontjes naast mij meeloopt. Je heb dan respect voor mij gekregen en ik ben in deze context je leider geworden.

En ik weet wel Frits dat je heel wat dominantie in je geest zitten hebt en dat je hierdoor regelmatig de door mij opgelegde grenzen probeert te verleggen. Knap van jou, ik zou juist hetzelfde doen hoor. Je eigenheid mag je natuurlijk van mij behouden, maar door een dagelijkse herhaling wens ik toch dat je respect voor mij behouden blijft.

Het zit niet in je karakter om achter mij aan te sloffen Frits, dat weet ik en dat zou ik ook niet wensen. Meestal zou dit geen probleem mogen geven, maar je kan ook van iets verschieten en dan komt je aangeboren vlucht reflex tevoorschijn. Neen, mij omver lopen of mijn achillespezen een trap geven met je blinkende hoefijzers, deze ervaringen heb ik reeds opgeslagen en ze staan niet op echt op mijn verlanglijst.

Respect en vertrouwen voor goede relatie

Met luid gehinnik en in volle galop kom je steeds naar mij toe gelopen wanneer ik je naar de stal wil brengen. Een duidelijk bewijs dat respect en vertrouwen vragen bijdragen tot het in standhouden van een goede relatie.

Als je maar gelukkig bent

Juist voor het publiceren van dit artikel heb ik onze 4-jarige merrie nog voor het vallen van de avond naar stal gehaald. Onderweg heeft onze Lucy mij toch wat laten kennis maken met de manieren van de vroeger vermelde ‘cutest pet pony’.  Alle paar stappen wou ze een hapje van het lekker gras op de doorgang nemen. Oh, juist, ja, het vrouwke heeft je gisteren naar binnen gebracht, en van haar mag je onderweg wat lekker gras mee pikken, goed voor de relatie zeker. Zo zie je maar dat het leven niet een aaneenschakeling wat wit-zwart ervaringen is, gelukkig maar.

38 Recht op de wand af

Op de loop gaan.

Wat krijgen wij nu Dré, waarom rij je mij recht naar de wand, ik ben toch niet het soort paard dat met jou op de loop gaat en dat enkel te stoppen is door hem tegen een muur te pletter te rijden?

Ieders probleem.

Ha, neen Frits, zo erg is het bij jou gelukkig niet. Bij het schrijven van deze intro denk ik terug aan een les van een Porturgese grootmeester, dewelke ik als fervente paarden liefhebber mocht bijwonen. “Il faut le mettre  contre lamour, j’ai dit, contre lamour”, galmde het in ietwat gebrekkig frans door de rijbaan. Deze leermeester had echt niets tegen de liefde hoor, maar bedoelde “ contre le mur”? Wanneer de mooie Iberische hengst op de loop ging, met zijn toch al wel ervaren amazone, werd aangeraden hem recht op de muur aan te sturen.

Hulpen volgen.

Maar dat is bij jou niet het geval Frits, maar soms lap je mijn bevelen toch aan je laars of moet ik aan je hoefijzer zeggen bij jou. Je hebt steeds de neiging om je hoeken af te snijden en dat ook bij wendingen naar de hoefslag toe. Steeds bepaal jijzelf de straal van het cirkelsegment, onafhankelik van de teugelhulpen die ik jou daarvoor geef. Je loopt gewoon door mijn teugelhulpen heen, man. Bij het oversteken van de rijbaan kan ik natuurlijk mijn éénzijdige halve ophoudingen nog wat later geven of volledig weg laten, zodat je pas op het laatste moment de zekerheid krijgt of je links of rechts dient af te wenden, maar in een doodgewone hoek heb ik die mogelijkheid niet om je wat in verwarring te brengen.

Eénzijdige halve ophouding.

Die éénzijdige halve ophouding heb ik in mijn eventing tijd geleerd. Bij het zien van een T-splitsing in het cross parcours wisten mijn paarden, door deze éénzijdig halve ophouding, reeds tientallen meters op voorhand, welke richting ze dienden te volgen. Hierdoor konden wij met grote zekerheid en op volle snelheid de juiste richting inslaan. Neen, geen noodzaak dus om mijn snelheidsduivels terug te nemen voor iedere wending en na zovele wendingen in een gevarieerd cross parcours betekent dat toch nogal wat tijdwinst.

Geef je paard een ‘half oponthoud’ voor het aanspringen in galop, hoorde ik een bevriend rijinstruceur naar zijn groep landelijke ruiters roepen. Van een ‘oponthoud’ aan een herberg kan ik wel genieten, maar een ‘half oponthoud’, neen dat schijnt mij niet echt interessant bij het paardrijden.

Wat is een ophouding?

Ik ga er van uit, beste lezer dat je weet wat een ophouding is, maar ik heb het hier over halve ophoudigen. Halve ophoudingen zijn eigenlijk lichte vibraties in de teugel, waardoor je paard weet dat er heel kortelings, één of andere gedragsverandering zal dienen plaats te vinden. Een halve ophouding is dus een signaal dat het paard mentaal voorbereid op een gedragsverandering die binnen een paar seconden zal dienen te gebeuren.

Ikzelf de oorzaak.

Maar ik weet dat ikzelf aan de grondslag  lig van, dit nu door mij als ongewenst gedrag beschouwde afwenden, Frits, ik heb dit gedrag toch steeds oogluikend toegestaan. Dit ongewenste gedrag had ik toch vervelend dienen te versterken, maar ik vond de andere zaken die we aan het trainen waren steeds belangrijker. En dit afsnijden van de hoeken is na een paar jaar dus eigenlijk een automatisme geworden.

Bij het doorrijden van de hoeken weet je natuurlijk Frits, in welke richting je dient af te wenden en ben je mij meestal voor, je wacht zelfs niet op mijn hulpen die een richtingsverandering inluiden. Ja, om je aandachtig te maken rij ik je dan een paar keer in de hoek, recht op het het beschot af, en houden daar een poosje halt alvorens de onze weg verder te zetten in de door mij gekozen richting. Nauurlijk vind ik het spijtig dat ik daarvoor met de teugel- en beenhulpen zwaar dien in te grijpen, om je op de juiste plaats, frontaal voor de wand, te laten halthouden. Maar ik kan toch niet anders dan je hulpen te geven die duidelijk boven je reactie drempel liggen. En na je een paar keer op deze manier in de hoek te hebben geparkeerd, hoef ik nog enkel te doen alsof ik je in de hoek wil parkeren, en je loopt zonder horten of stoten door de wending zoals het hoort.

Snel opgelost.

Gelukkig is dit geen fundamenteel probleem en na een paar keren corrigeren weet mijn voor paarden normen intelligente Frits, dat het veel aangenamer is om te wachten met afwenden tot ik mijn daarvoor geselecteerde signalen heb gegeven.

37 Een vliegende galopwissel aanleren

Vanuit de achterhand?

Schijnbaar dienen vliegende galopwissels vanuit de achterhand te komen, maar weet jij Frits wat dat juist te betekenen heeft? Ik hoef dat niet te weten Dré, maar jij schijnbaar wel, leg het dan  maar zelf eens uit.

Ook in vrijheid.

De meeste jonge, nog onafgerichte paarden, geven op de weide spontaan de vliegende galopwissel, zoals ze ook alle andere dressuuroefeningen, zonder enige training en in volle vrijheid, perfect kunnen uitvoeren. En als je er toch eentje ziet, die in vrijheid altijd in de contragalop blijft doorgaan, dan weet je dat het niet gemakkelijk zal zijn, om hem later deze vliegende wissel onder de man aan te leren.

De signalen worden een fractie van een seconde voor aanvang van het zweefmoment gegeven.

Overmatige contragalop.

Spijtig dat het voor vele dressuurruiters enkel een natte droom blijft, om ooit eens een vliegende wissel te kunnen rijden. Springruiters daarentegen zijn zich veel sneller bewust van het belang van een vliegende wissel. Reeds bij hun eerste springparcours, bij het eerste van hand veranderen, worden zij met een ongezellige contragalop in de wending geconfronteerd. Dressuurruiters veranderen in hun eerst jaar niet van hand in galop, en als ze dat al doen, dan is het met het doel de contragalop te oefenen, iets wat voor een springruiter maar weinig toegevoegde waarde heeft. Heel veel contragalop oefenen heeft tot nadeel dat het paard in een later stadium, veel moeilijker tot een vliegende wissel zal komen.  De contragalop is dan door het veelvuldig oefenen, een automatisme geworden, en wij weten dat automatismen maar heel moeilijk te veranderen zijn.

Snel mee beginnen.

Het is dus ook belangrijk voor de dressuur ruiter, om niet te lang te wachten met  het aanleren  van de vliegende galopwissel, ook al kan dat tijdens je dressuuurproef met contragalop tegen jezelf werken.

En als je paard al eens een spontane galopwissel tijdens je contragalop training geeft, hoef je deze inbreuk zeker niet zwaar vervelend te versterken. Aangezien wij later deze vliegende wissel nog zelf zullen vragen, mogen wij het paard in geen geval bang te maken voor de vliegende wissel.

Verloop van de vliegende wissel.

Er is echter een groot verschil tussen de wissel van de meeste springpaarden en de als goed geachte dressuur wissel. De uitdrukking ‘Vliegende galopwissel’ vertelt het zelf, de wissel gebeurt tijdens het vliegen door de lucht, het zweefmoment wordt dat in de juiste termen genoemd, dus op het moment dat het paard met zijn vier benen in de lucht hangt.

Na het zweefmoment over een hindernis landen springpaarden normaal op hun voorbenen, dat kan ook bijna niet anders. Van dressuurpaarden verwachten wij dat zij eerst met het nieuwe buiten achterbeen de grond raken, natuurlijk volgt de landing van de voorbenen een kort tijdje nadien. Uit mijn trainer opleiding, van ondertussen meerdere tientallen jaren terug, oef zo lang al, herinner ik mij dat hetzelfde achterbeen twee maal achter elkaar de grond raakt. Voor het aanvangen van de wissel, van de rechter naar de linker galop, steunt het rechter achterbeen als laatste achterbeen op de grond (bipedale ondersteuning). Na de daarop volgende zweeffase komt datzelfde rechter achterbeen tijdens de wissel terug als eerste op de bodem, om te dienen als unipedale ondersteuning van de nieuw linker galop.

Dat is nogal een ingewikkeld mechanisme hé, Frits. Zelf heb ik het ook wat lastig gehad om dit uit te kunnen schrijven en mijn diersoortgenoten zullen waarschijnlijk hun cursus begrijpend lezen nog eens moeten doornemen om zich door deze tekst te worstelen.

Bij een landing na de sprong is het vanzelfsprekend dat een springpaard op zijn voorbenen land, Ik kan het mij niet anders inbeelden. Boven de hindernis heeft het paard een lang zweefmoment waarbij het veel tijd heeft om van galop te wisselen, en dit is gemakkelijkst bij een verandering van richting in het parcours.

Aanleren met het balkje?

Het aanleren van de vliegende galopwissel gebeurt dikwijls over een balkje, maar met de voorgaande uitleg wordt het je wel duidelijk dat het gevaarlijk is, om deze manier te gebruiken voor het aanleren van de wissel bij een dressuur paard. Wij wensen hier namelijk geen landing op de voorhand. Voor paarden die enkel met de voorhand wisselen en met de achterhand in de contragalop blijven kan zo’n balkje wel enig soelaas brengen, om de achterhand toch tot wisselen aan te zetten , en dit tijdens het zweefmoment.

Om een langer zweefmoment te creëren, dient de achterhand bij de dressuurwissel diep onder de massa te treden, zodat het paardenlichaam hoger in de lucht kan geprojecteerd worden. Daarom zullen wij de vliegende wissel pas aanleren als het paard reeds de basisbegrippen van verzameling kent. Misschien komt het duidelijker over als ik het wat anders vertel: Bij het geven van de beenhulpen dient het paard de reflex te vertonen, om de achterhand in te trekken.

Gewoon wissels vragen en je ziet wel.

Juist Frits, dat hoef je natuurlijk allemaal niet te weten, trek gewoon bliksemsnel je achterhand in, op het moment dat ik tijdens je unipedale ondersteuning, de signalen geef om in de andere galop aan te springen. De rest volgt allemaal als vanzelf.

 En ja, Frits, ik ga deze foto van één van onze eerste wissels toch publiceren, hoor. Natuurlijk is dit niet de perfecte wissel, dat mag ik tijdens het aanleerproces ook nooit verwachten. Deze foto vertelt mij dat je gehele achterhand te hoog van de grond komt en te vroeg in het zweefmoment actief is.  Wat was ik toen gelukkig dat jij mij hoog in de lucht projecteerde door een over actieve achterhand. Zo hoog zelfs dat mijn hoofd niet meer in beeld kwam.

Zo, Frits, ondertussen zijn wij een paar jaar verder en je enkelvoudige  galopwissel zijn ondertussen, door duizenden herhalingen, een automatisme geworden. Automatismen zijn er om ons het leven gemakkelijk te maken, zodat wij niet blijvend hoeven na te denken, over wat we eigenlijk aan het doen zijn. Wij zijn nu reeds lekker gestart met knoeien aan de wissels om de pas, zo blijven wij steeds maar bezig hé.

36 Vrije stap

En mag ik nu ook al niet meer mijn vrije stap doen zoals ik dat zelf wens, Dré?

Zelf laten kiezen?

Frits in vrije stap

Neen Frits, op dit moment vind ik, dat er dient ingegrepen te worden. Je hebt van nature een heel mooie ruime stap. Je stap is je beste gang en je stapt 3 tot 4 hoeven over, dus daar is helemaal niets mis mee. Maar op dit ogenblik  zijn wij zware overgangen aan het trainen, Frits, overgangen van heel verzamelde, naar piaffe neigende stap, naar aan passage grenzende draf. Dit is onze voorbereiding om later de overgang van piaffe naar passage te kunnen rijden.

Spanning opvoeren!

Dat is niet niks hé Frits, je weet wel dat ik daarvoor de spanning bij jou heel hoog dien op te voeren, want zonder spanning krijg ik niet de gewenste trage en verheven drafpassen. Wanneer je een overgang geeft die in de richting van mijn verwachtingen ligt, dan geef ik je dadelijk vrije teugel en mag je ontspannen in vrije stap, ja, ontspanning is hier wat ik wens te zien.

Spanning ontvluchten.

Ontspanning op zulke momenten is voor mij weglopen Dré, wegvluchten van de gevaren en de moeilijkheden is toch een normale reactie voor een prooidier. Ik begrijp je wel Frits, maar die overhaaste stap met een weggedrukte rug die je dan laat zien, neen dat wens ik niet, en dat levert zeker geen bijdrage aan het verder opbouwen van je overigens mooie lichaam, integendeel.

Je weglopen verminderen door je terughoudende teugelhulpen te geven, geeft niet het gewenste resultaat. Juist Dré, dan voel ik mij opgesloten tussen je handen en mijn stuwende achterhand en dat maakt mij echt nog hitsiger.

Zonder trekken.

Daarom gaan we nu ook op een kleine volte gaan Frits, door kleine doelloze rondjes te draaien hoop ik dat je inziet dat vluchtgedrag hier geen toegevoegde waarde heeft. Rondjes hebben geen eindpunt en daardoor vervalt jouw doel waarnaar je wil weg lopen. En als dat niet voldoende is ga ik jou daarbij nog wat in een lichte renvers houding plaatsen, dus met je schouders een beetje naar de binnenkant van die kleine volte en je hals wat naar buiten gebogen. Zo ben je verplicht je voorbenen te kruisen en wordt je vluchtig wegstappen ook een heel stuk moeilijker voor jou.

Neen Frits, je hoeft dat niet allemaal te begrijpen, het is gewoon aan mij om jou terug naar rust te kunnen brengen, en voor we die rust bereikt hebben gaan we niet terug met andere zaken gaan spelen.

Spelen met spanning.

Een mooi voorbeeld Frits, dat wij met spanning moeten kunnen spelen, opbouwen en terug kunnen afbouwen van de spanning is de grote boodschap bij het aanleren van zwaardere oefeningen.